Programmawet voor meer flexibiliteit bij vaderschapsverlof en zwangerschapsverlof
De programmawet van 22 december 2008 versoepelt de regels voor het vaderschapsverlof en de moederschapsrust om de combinatie van werk en gezin te vergemakkelijken. De nieuwe regeling treedt in werking op 1 april 2009 en zal enkel van toepassing zijn op de bevallingen die plaatsvinden vanaf die datum.
Vaderschapsverlof
Vaders hebben recht op 10 dagen vaderschapsverlof die ze binnen de 30 dagen te rekenen vanaf de dag van de bevalling moeten opnemen. Deze termijn van 30 dagen wordt nu verlengd tot 4 maanden. Zo kunnen vaders er bijvoorbeeld voor kiezen om hun vaderschapsverlof pas op te nemen na de postnatale rust van de moeder.
Zwangerschapsverlof
Zwangere werkneemsters hebben recht op 15 weken moederschapsrust: 6 weken (8 weken bij een meerling) prenatale rust en 9 weken verplichte postnatale rust. De prenatale rust is slechts deels verplicht, namelijk de laatste 7 dagen voor de vermoedelijke datum van de bevalling. De werkneemster kan er dus voor kiezen om langer aan de slag te blijven en met de overige 5 weken (7 weken bij een meerling) facultatieve prenatale rust de periode van postnatale rust te verlengen.
Nieuw is dat de werkneemster voortaan de laatste 2 weken van haar moederschapsverlof kan omzetten in «verlofdagen van postnatale rust», die ze kan opnemen in een periode van 8 weken vanaf de hervatting van het werk. Dit is dus enkel mogelijk indien de werkneemster de 9 weken verplichte postnatale rust met minstens 2 weken kan verlengen.
Modaliteiten
De werkgever moet de verlofdagen van postnatale rust aanvaarden en de werkneemster mag de dagen zelf plannen. Dit moet volgens de memorie van toelichting wel gebeuren «in functie van het aantal dagen voorzien in het uurrooster van de werkneemster». Wie voltijds tewerkgesteld is in een vijfdagenstelsel heeft recht op 10 verlofdagen. Wie deeltijds werkt met een werkrooster gespreid over 3 arbeidsdagen per week zal 6 verlofdagen hebben. Een uitvoerings-KB brengt wellicht meer duidelijkheid en zal vastleggen hoe de kennisgeving aan de werkgever van de omzetting en de planning van de verlofdagen moet gebeuren.
De aanpassing van de regeling van de moederschapsrust hangt samen met een aantal andere wijzigingen:
Bron: Programmawet van 22 december 2008 (art. 110-113 en 129-132 ), BS 29 december 2008, p. 68649
Hoelang duurt het zwangerschapsverlof of de bevallingsrust?
De bevallingsrust duurt maximum 15 weken (bij een meerling 19 weken). U kunt ten vroegste 6 weken (bij een meerling 8 weken) voor de vermoedelijke bevallingsdatum de werkloosheid onderbreken of stoppen met werken. Blijft u verder werken of stempelen tijdens deze periode, dan worden deze dagen overgedragen naar de postnatale rustperiode.
Let op! U bent wettelijk verplicht minstens 1 week voor de vermoedelijke bevallingsdatum en 9 weken (11 weken bij een meerling) na de bevalling de werkloosheid te onderbreken of te stoppen met werken. Het heeft dus geen zin om tot de laatste dag te werken of te stempelen, vermits de gewerkte of gestempelde dagen in de week voor de bevalling niet mogen overgedragen worden.
Bent u bevallen van een meerling, dan mag u – indien u erom vraagt – twee weken langer thuis blijven.
Was u ziek of was u het slachtoffer van een (arbeids)ongeval tijdens de volledige periode van zes of acht weken die de bevalling voorafgaat? In dat geval - en op voorwaarde dat u er om vraagt - hebt u recht op een extra week moederschapsrust.
Wat bij een vroegtijdige of laattijdige bevalling?
Als u vroeger bevalt dan voorzien en u de week voor de vermoedelijke bevallingsdatum nog niet volledig hebt opgenomen, dan verliest u de resterende dagen van deze week prenatale rustperiode. Als u later bevalt dan voorzien en u de 6 weken (8 weken bij een meerling) voor de vermoedelijke bevallingsdatum al hebt opgenomen, zal de prenatale rustperiode onvermijdelijk langer duren. Deze verlenging van de prenatale rust tot de werkelijke bevallingsdatum wordt eveneens vergoed.
Wat als uw baby langdurig wordt opgenomen in het ziekenhuis?
Als uw baby vanaf de geboorte in het ziekenhuis moet blijven, mag u de periode van moederschapsrust verlengen met de duur dat uw kindje langer dan zeven dagen opgenomen is. Om die verlenging aan te vragen, bezorgt u een attest van het ziekenhuis waarop de duur van de hospitalisatie van uw kindje staat vermeld, aan uw ziekenfonds. U mag uw moederschapsrust met maximum 24 weken verlengen.
Wat als u werkt als zelfstandige in bijberoep?
Het zelfstandig bijberoep moet stopgezet worden tijdens de periode van moederschapsrust.
Als u als loontrekkende speciale bescherming geniet wegens risicovol werk, moet u aan de adviserend geneesheer van uw ziekenfonds toestemming vragen om uw activiteit in bijberoep verder te zetten. U legt de adviserend geneesheer een medisch getuigschrift voor waaruit blijkt dat deze activiteit geen risico inhoudt voor uw gezondheid en die van uw kindje. De vervangingsuitkeringen van 60% ter compensatie van uw loonverlies als loontrekkende, worden dan wel met 10% verminderd, ongeacht de hoogte van de inkomsten van uw zelfstandig bijberoep.
Let op, in dat geval beëindigt u de activiteit in bijberoep 6 weken voor de vermoedelijke bevalling.
Wat als u werkt als zelfstandige in hoofdberoep of als meehelpende echtgenote?
De periode van bevallingsverlof bedraagt acht weken (negen weken bij een meerling). U kunt ten vroegste drie weken (bij een meerling: vier weken) voor de vermoedelijke bevallingsdatum stoppen met werken. Blijft u verder werken tijdens deze periode, dan worden deze dagen overgedragen naar de postnatale rustperiode.
Let op! U bent wettelijk verplicht minstens één week voor de vermoedelijke bevallingsdatum te stoppen met werken.
De verplichte postnatale rustperiode komt overeen met acht weken (negen weken bij een meerling), verminderd met de prenatale rustperiode. Bij een vroegtijdige bevalling zal de postnatale rustperiode langer duren om tot een volledige periode van acht of negen weken te komen. Bij een laattijdige bevalling vermindert de postnatale rustperiode. In geen geval wordt dus de duur van acht weken (negen weken bij een meerling) overschreden.
U mag kiezen om de periode van nabevallingsrust te beperken tot zeven of zes weken (acht of zeven weken bij een meerling). Bijvoorbeeld wanneer u de arbeid vroeger wilt hervatten. U moet uw keuze wel bij de aanvang van de moederschaprust meedelen.
Er bestaat geen algemene regel over borstvoedingsverlof. In een Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO - een overeenkomst die geldt voor alle werknemers in een bepaald bedrijf of sector) kan eventueel wel bepaald zijn dat er borstvoedingsverlof wordt voorzien. U kunt uw werkgever borstvoedingsverlof vragen.
In principe is het borstvoedingsverlof onbetaald.
U kunt ook gebruikmaken van het ouderschapsverlof of het tijdskrediet om borstvoeding te geven.
De uitkering bedraagt 60% van uw brutoloon.
Als pas bevallen moeder hebt u recht op borstvoedingspauzes. De pauzes geven u de gelegenheid om uw kind moedermelk te geven of melk af te kolven.
Wat is de duur en de periode van de borstvoedingspauzes?
U hebt per dag recht op twee pauzes van een half uur indien u minstens 7,5 uur per dag werkt. De pauzes kan u in één of twee keer opnemen. Indien u minder dan 7,5 uur, maar minstens 4 uur werkt, hebt u recht op één pauze van 30 minuten. In principe wordt in overleg met uw werkgever overeengekomen wanneer de pauzes worden opgenomen. Dit recht geldt tot zeven maanden na de geboorte van uw kindje.
Wat zijn de voorwaarden?
U moet uw werkgever minstens twee maanden op voorhand verwittigen over uw voornemen om een beroep te doen op borstvoedingspauzes. Het bewijs van de borstvoeding wordt geleverd aan de hand van een getuigschrift, afgeleverd door een consultatiebureau voor het Jonge Kind of door een medisch getuigschrift. Om recht te hebben op de vergoedingen ten laste van de ziekteen invaliditeitsverzekering, volstaat het dat u de hoedaningheid hebt van werkneemster.
Hoeveel bedraagt de vergoeding?
U hebt recht op een uitkering voor borstvoedingspauzes, die gelijk is aan 82% van het brutobedrag voor de uren of halve uren borstvoedingspauze.
Hoe aanvragen?
Elke maand levert de werkgever u een attest af voor het ziekenfonds, waarop het loonverlies wordt vermeld dat u de afgelopen maand hebt gehad ten gevolge van het opnemen van borstvoedingspauzes. Dit attest geldt als aanvraagformulier voor het bekomen van de vergoedingen bij het ziekenfonds en moet onmiddellijk bezorgd worden. Het ziekenfonds bepaalt op basis van dit attest uw recht op borstvoedingspauzes en betaalt de vergoedingen.
Voor wie?
Nieuwbakken papa's hebben recht op 10 dagen vaderschapsverlof. Deze maatregel geeft u de kans afwezig te zijn van het werk ter gelegenheid van de geboorte van uw kindje.
Wanneer mag u die opnemen?
U hebt het recht om 10 dagen verlof te nemen in geval van een geboorte. U mag deze dagen vrij kiezen binnen een periode van 30 kalenderdagen te rekenen vanaf de dag van de bevalling.
Wat zijn de voorwaarden?
Om recht te hebben op een uitkering vaderschapsverlof ten laste van de ziekte- en invaliditeitsverzekering moet u als werknemer recht hebben op ziektevergoedingen.
Hoeveel bedraagt de vergoeding?
De eerste 3 dagen zijn ten laste van uw werkgever. U behoudt dus uw normale loon. Voor de volgende 7 dagen ontvangt u een uitkering aan 82% van uw begrensd brutoloon ten laste van de ziekte- en invaliditeitsverzekering. De uitkeringen voor vaderschapsverlof kunnen enkel toegekend worden voor de afwezigheidsdagen die samenvallen met arbeidsdagen.
Hoe aanvragen?
In de eerste plaats verwittigt u uw werkgever. Daarna dient u een aanvraag in bij uw ziekenfonds waarbij u een geboorteattest voegt. U ontvangt dan van uw ziekenfonds een inlichtingenblad dat u op het einde van het vaderschapsverlof door uw werkgever laat invullen en terug aan het ziekenfonds bezorgt. Op basis van dit inlichtingenblad bepaalt het ziekenfonds het recht op vaderschapsverlof en betaalt de vergoedingen.
Elke werknemer die minstens 1 jaar anciënniteit heeft bij de werkgever, heeft het recht om ouderschapsverlof te nemen om voor zijn kind te zorgen. De werknemer moet tenminste 12 maanden bij de werkgever werken in de loop van de 15 maanden die de aanvraag voorafgaan.
Wat is de duur van het ouderschapsverlof?
Per kind heeft u recht op maximum 3 maanden volledige onderbreking van de prestaties (op te nemen per maand of een veelvoud ervan). Als u voltijds werkt, kunt u ook uw prestaties verminderen tot een halftijdse job gedurende 6 maanden (op te nemen per periode van 2 maanden of een veelvoud ervan). Of u kunt uw prestaties verminderen met B/f gedurende 15 maanden (op te nemen per periode van 5 maanden of een veelvoud ervan).
Wanneer kunt u ouderschapsverlof opnemen?
Het ouderschapsverlof kan worden opgenomen tot uw kind de leeftijd van 4 jaar heeft bereikt of 6 jaar indien u in de privé-sector werkt. Indien uw kind een handicap heeft of geadopteerd is, kan het verlof opgenomen worden tot uw kind de leeftijd van 8 jaar heeft bereikt. Bij adoptie houdt u er rekening mee dat het ouderschapsverlof dient opgenomen te worden binnen de 4 jaar na inschrijving in het bevolkingsregister.
Hoe aanvragen?
U brengt uw werkgever minstens 3 maanden (of 2 maanden indien u in de privé-sector werkt) vooraf via een aangetekend schrijven op de hoogte. Uw werkgever kan het ouderschapsverlof niet weigeren, maar kan het wel 6 maanden uitstellen. Vanaf de aanvraag tot 3 maanden na het verlof, is de werknemer beschermd tegen ontslag.
Hoeveel bedraagt de vergoeding?
Gedurende het ouderschapsverlof ontvangt u een vergoeding van de RVA ter compensatie van het loonverlies. Werkt u deeltijds, dan ontvangt u een vergoeding in verhouding tot uw werkduur.
|
- 50 jaar |
+ 50 jaar |
volledige loopbaanonderbreking |
€698,65 |
€698,65 |
halftijdse onderbreking |
€349,32 |
€592,53 |
onderbreking van 1/5 |
€118,51 |
€237,01 |
|
€159,36* |
|
* Indien de werknemer alleen woont of indien hij uitsluitend samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan minstens 1 ten laste. Deze regeling is geldig voor werknemers uit de privé-sector. In de openbare sector zijn gelijkaardige vormen van ouderschapsverlof van toepassing. Neem hiervoor contact op met de personeelsdienst op uw werk.